|

De folder van The Greens voor
het district Wide Bay
met Ian Richards als kandidaat
voor het Parlement en
Drew Hutton voor de Senaat

Kangoeroes in het wild

Achter wat lage struiken
lag een ondiep meertje verborgen in
Burrum Coast National Park

De walvissen zwemmen rond de Whalesong
Voor boekingen van
de Whalesong is er een gratis nummer
00 617-1800 689 610
Alle informatie
kunt u vinden op
www.whalesong.com.au

Ian enJaney op walvissafari

Rainbow Beach
highway voor 4 wheel drives

Een eenbaans-sandtracks
(4WD
only staat er op de kaart aangegeven)

Plannen met The Map Man
betekent ook alle
informatie meekrijgen

U bent
van harte welkom op de
Emu Farm, Murrie Road in Cherbourg
telefoon 0061 7 4169 1039


Ergens in de buurt van de gesloten winery
tussen Cherbourg en Goomeri

Twee CD albums van Yothu Yindi
One Blood and Tribal Voice
Uitgebracht door Mushroom Records
Australia PTY LTD

Wie meer wil begrijpen van
de
Aboriginalcultuur raad ik aan het boekje
Understanding Aboriginal Culture
van Cyril Havecker aan te schaffen
Publisher: Kosmos Books,
ISBN nummer 0 9588588 0 2

Prehistorische boomvaren
in het stadje Montville
|
From
the land of the Kangaroo, deel 2
Dedicated to all our friend inToogoom,
Queensland and Australia
Verkiezingscampagne
Terug van Fraser Island zouden we nog een tiental dagen bij
Janey en Ian verblijven. Het was de bedoeling dat we nog heel
wat dingen samen zouden gaan doen. Maar er moest tussendoor
óók nog campagne gevoerd worden voor The Greens.
Janey had de hele organisatie van de verkiezingscampagne voor
Ian op zich genomen. En Ian vroeg mij of ik hem wilde helpen
met het maken van een aantal kleine krantenadvertenties. Natuurlijk
wilde ik dat wel. Ik had wat conceptideeën aangedragen,
die Ian verder uitwerkte tot een advertentiecampagne.
Na het ontbijt moest eerst de was gedaan worden, want we hadden
nogal veel vuil gemaakt in de achterons liggende drie dagen
op Fraser Island. En er moest natuurlijk gemaild worden naar
de achterban in Amsterdam.
Op 17 september schreven wij in een mail:
Het
is hier nu 9.55 uur in de ochtend en bij jullie is het dus
01.55 uur in de nacht. Terwijl jullie slapen zijn wij heerlijk
uitgeslapen van de vermoeienissen van onze tour naar Fraser
Island. De zon schijnt hier uitbundig en het voelt voor ons,
met 27 graden Celsius, aan als hoog zomer. Om halftien zaten
we buiten op "the back deck" te ontbijten met op
de achtergrond het opkomende water van de oceaan.
Kijken en eten
Die avond bezochten we een expositie in een gebouw van de
University of Southern Queensland (www.usq.edu.au)
in Hervey Bay. Ian is lector bij deze universiteit op de Faculty
of Sciences met als hoofdvak computing. Janey doet
vaak werk voor de galerie van The Council of Hervey Bay.
In hetzelfde gebouw is ook een grote openbare bibliotheek
gevestigd.
Het was druk op de opening, en de expositie zelf was erg de
moeite waard en van een zeer hoog niveau. Er was werk geëxposeerd
dat niet zou misstaan in een van de galeries voor hedendaagse
kunst in Amsterdam of Londen. Wij hadden hier niet zoveel
kwaliteit verwacht, maar we moesten toegeven dat we goed fout
zaten.
Janey kende op de opening zowat iedereen. Er moest dus met
veel mensen een praatje gemaakt worden. Na de opening maakten
we ons redelijk snel los van het pratende en drinkende kunstpubliek
om gezellig een hapje te gaan eten.
Het restaurant dat we bezochten heette Ziggy's. De menukaart
van Ziggy's was een fusie tussen de oosterse en de westerse
keuken. Het restaurant en terras waren met smaak ingericht.
Het was volgens Janey en Ian te koud om buiten te zitten,
maar als wij daar van uitgingen in Nederland zou je 's avonds
bijna nooit buiten kunnen zitten.
Rieky koos ervoor om Kangoeroe te eten, wat volgens haar veel
overeenkomsten vertoonde met Hollandse biefstuk. Ik had gekozen
voor een gerecht met de naam: "East meets West".
Dit was een visgerecht met veel ingrediënten uit de oosterse
keuken, maar ook met Franse accenten. Na voortreffelijk gegeten
te hebben reden we voldaan, door het nachtelijk landschap
terug naar Toogoom.
Veel vrienden in Toogoom
Gelukkig was ons programma de komende dagen niet overvol en
konden we genieten van de zon, de rust en het strand. We brachten
onze dagen hier door met uitrusten, lezen, veel lezen, wandelen,
boodschappen doen in Hervey Bay en samen een borrel drinken
en veel praten aan het eind van de dag.
Verder bleken we ineens erg veel vrienden te hebben in Toogoom.
Ze kwamen speciaal voor ons naar het huis van Janey en Ian,
of wij gingen met ons vieren bij hen op bezoek. Alle vrienden
van Janey en Ian waren ook onze vrienden en ze wilden ons
kennelijk allemaal zien.
De volgende dag verwachtten Janey en Ian om 4 uur in de middag
hun vrienden Robyn en Rod, Jill en David. Robyn en Rod brachten
voor ons een mooie fles Australische wijn mee. Robyn had daar
zelf een kaartje bij gemaakt met een welkomsttekst in het
Nederlands. De gesprekken waren geanimeerd en men wilde alles
weten over onze ervaringen op Fraser Island en natuurlijk
ook over onze verdere reisplannen. We kregen deze namiddag
ons eerste voorproefje van de drinkgewoontes in Australië.
Op
de Australische manier
Het zal wel niet typisch zijn voor alle Australiërs,
maar op alle welkomstparty's ter ere van ons begon men veelal
met champagne te schenken, daarna volgden de witte en de rode
wijnen elkaar op. Een leeg glas werd niet getolereerd, en
onherroepelijk gevuld als je niet goed oplette. Het is heel
gebruikelijk dat men op bezoek gaat met een mand gevuld met
flessen goede wijn en lekkere hapjes.
Omdat ook veel goede restaurants not licensed zijn, neemt
men zijn eigen wijnen mee. Een not licensed restaurant mag
geen alcohol schenken. Het restaurant zorgt in dat geval wel
voor glazen, zet de wijnen indien nodig in de koeling en serveert
ze uit tegen betaling van een kleine vergoeding, dat men kurkgeld
noemt.
Campagnevergadering
In de vroege ochtend van de 19de gingen we met Janey en Ian
naar een campagnevergadering van The Greens in een buitenwijk
van Maryborough. De vergadering werd gehouden bij Steven,
die daar een loodgietersbedrijf heeft. Toen we daar aankwamen
stond het hele erf vol met propagandamateriaal voor The Greens.
Steven had een aantal voorwerpen geproduceerd van bamboe,
die het meeste weg hadden van schildersezels, met daarop een
verkiezingsaffiche. Ian keek ons dus vanaf tientallen posters
tegelijk vriendelijk aan.
Op het grasveld voor hun huis en werkplaats werden we door
Steven en Annette met koffie ontvangen. Er waren ongeveer
10 à 12 mensen aanwezig die allemaal een taak wilden
uitvoeren t.b.v. de campagne. Janey deed haar logistieke campagneverhaal
en Ian gaf een toelichting op de te volgen campagnestrategie.
Daarna werd er gediscussieerd en werden de taken verdeeld.
Er was veel werk aan de winkel.
The Greens wisten dat ze de zetel van Wide Bay niet konden
winnen, maar ze konden wel de 1,9% die ze haalden bij de vorige
verkiezingen verbeteren. En als ze minimaal 4% van de stemmen
zouden halen kregen ze het in de campagne geïnvesteerde
geld terug. De opiniepeilingen gaven aan dat dit zou gaan
lukken. Maar wat nog belangrijker was dat ze, in het Australisch
politieke systeem, een factor van betekenis konden worden
waarmee andere partijen rekening hadden te houden.
De tragiek van een "historisch" stadje
De avond voorafgaand aan onze tocht naar Burrum Coast (Woodgate)
National Park hadden Rieky en ik gepland om voor Janey en
Ian het avondeten te verzorgen. Wij hadden daarvoor al de
nodige inkopen gedaan in Hervey Bay. Wij moesten koken in
een voor ons vreemde keuken, maar dat was uiteindelijk geen
probleem om, toch een heerlijke maaltijd op tafel te zetten.
Onze geste werd door onze vrienden erg op prijs gesteld.
De volgende ochtend - 21 september - vertrokken we in de richting
Woodgate Coast. Ook al kon je vanaf het strand in Toogoom
Burrum Point zien liggen, toch moesten we een enorme omweg
maken om er te komen. Die omweg bracht ons in Childers,. Een
heel aardig "historisch" stadje, dat een wandeling
meer dan waard is. Het stadje is wereldwijd bekend geworden
vanwege een tragische brand die op 23 juni 2000 in het backpackers
hotel woedde. Bij deze brand vielen 15 slachtoffers,
waaronder 2 Nederlanders.
Het voormalige backpackers hotel is nu helemaal gerestaureerd
en heeft een andere bestemming gekregen. Op de bovenverdieping
is in de art gallery een permanent monument voor de
slachtoffers van deze tragedie ingericht. Van over de hele
wereld komen bezoekers naar deze plaats om de slachtoffers
te herdenken.
Kangoeroes in het wild
We reden vanaf Childers via Goodwood naar Woodgate, een populaire
vakantiebestemming die door veel buitenlandse toeristen, onverdiend,
over het hoofd wordt gezien. We reden hier vlak langs de Pacific
Ocean over de kustweg in zuidelijke richting.
Slechts een smalle strook bos en een klein duintje scheiden
ons van het strand waar hoge golven zich op stuk beukten.
De eerste kangoeroes die we zagen hielden zich op onder de
bomen langs deze weg. Verderop zagen we er nog veel meer in
de tuinen van de huizen.
Rieky schreef daarover in haar reisdagboek:
Tussen
de huizen liepen veel kangoeroes, grote en kleine, maar ook
enkele met baby's in hun buidel. Het was grappig om te zien
hoe rustig ze zich gedroegen tussen de huizen. Het groene
gras in de tuinen vonden ze kennelijk erg lekker.
Ian vertelde tijdens de lunch dat de Kangoeroes, vanwege de
droogte uit het aangrenzende nationale park, afkomen op het
sappige groene gras van de regelmatig besproeide privé
tuinen.
Na een uitstekende vislunch, besproeid met heerlijk koel Australisch
bier, reden we het Burrum Coast National Park in. We reden
via een sandtrack eerst naar Burrum Point. Op dit punt
ligt een kleine camping midden in de bush vlak bij
het strand. Vanaf het aangrenzende strand keken we uit over
de Burrum River die hier uitmondt in de oceaan. Aan de overkant
zagen we Burrum Head liggen. We gingen verder over de track
om een bush wandeling te gaan maken. Voor deze wandeling,
maar ook als je ergens anders buiten was, moesten we ons vol
spuiten met muggenspray. De wandeling ging dwars door het
bos naar een swamp. Hier ging het bos geleidelijk over
van kleine bomen naar struikgewas, en nog later in een paarsrood
begroeide moerasvlakte. Achter wat lage struiken lag een ondiep
meertje verborgen. Het krioelde hier van de meest kleurrijke
vogels. In deze habitat moet je echter wel op je hoede zijn
voor slangen.
Later reden we parallel aan de Burrum River verder over een
bijna onbegaanbare deep sandtrack. Zelfs Ian had er,
met al zijn 4 wheel drive ervaring, grote moeite mee.
Onverwachts remde Ian zeer abrupt en maakte een noodstop in
het mulle zand, want midden op de track zat onbeweeglijk
een Dragon, een kleurrijk familielid van de Australische lizards.
Toen we dit National Park uitreden verdrongen zich ineens
de vakantiehuizen langs de rivier. De meeste zagen er onbewoond
uit, want hier was de lente maar net begonnen. Vanaf hier
reden we in ongeveer een uurtje terug naar Toogoom, waar Ian
omstreeks halfvijf zijn wagen voor het huis parkeerde. Juist
op tijd thuis voor de borrel dus.
Whale
Watching
September is precies het goede seizoen voor Whale Watching.
In februari en maart trekken de Humpback Whales vanaf Antarctica
langs de oostkust van Australi‘ naar de tropische wateren
in het noorden. Daar paren ze en krijgen ze hun kalf. De draagtijd
is ongeveer 11 à 12 maanden. De lengte bij de geboorte
van het kalf is 4 à 5 meter en het weegt meer dan een
ton. Het kalf blijft ongeveer een jaar afhankelijk van de
moeder tot het een lengte heeft bereikt van ongeveer 8 meter.
Omstreeks september begint de trek van de walvissen terug
naar de wateren van de Zuidpool. Vooral op hun reis terug
hebben ze een aantrekkelijke plek gevonden om met hun kalf
te rusten in de baai tussen Fraser Island en de kust bij Hervey
Bay. Humpback Whales voeden zich met krill, plankton en kleine
visjes. In de wateren rondom Antarctica is dit soort voedsel
in overvloed aanwezig.
De mannelijke Humpback Whales "zingen" lange en
erg gevarieerde "liederen". Het schijnt een functie
te hebben om zichzelf te adverteren bij de dames in het paarseizoen,
maar ook om de familie bij elkaar te houden. Het emotionele
en droeve roepgeluid heeft onderwater een draagwijdte van
enkele kilometers en kan door de huid van een schip gehoord
worden.

Afgebeeld is de folder van
The Environmental Protection Agency of the Queensland Government
The
Whalesong
Rieky ontdekte, toen ze het huis van Janey en Ian in Toogoom
wilde fotograferen, dat haar camera het niet meer deed. De
film leek te zijn vastgelopen, maar naar later bleek was het
de sluiter die blokkeerde. Erg jammer, juist nu we de volgende
dag naar de walvissen zouden gaan kijken.
Janey en Ian hadden ons uitgenodigd om met hen mee te gaan
op een Whale Watching trip. Zij hadden geboekt bij Whalesong
Cruises in Hervey Bay. Wat een prima keus bleek te zijn.
Rieky schreef in haar reisdagboek op 23 september:
Onderweg
was het rustig, weinig auto's op de weg, ook in Hervey Bay.
We gingen om halfzeven aan boord. Janey betaalde de tickets.
We zochten een plaatsje op het bovendek. De tocht duurde ongeveer
anderhalf uur voor we op de plek komen waar de Whales dansen
en zwemmen. (...) Janey en Ian zijn meegegaan omdat ze dit
zelf ook nog nooit gezien hadden. Het was prachtig weer en
er was weinig wind. Er werden cones en pittige hapjes geserveerd,
koffie moest je zelf beneden aan de bar halen. Alles was goed
verzorgd.
De Captain van de Whalesong gaf veel informatie over wat er
te zien was. Onderweg zagen we een paar dolfijnen, maar daar
bleef het dan ook bij. Ons eerste contact met de walvissen
bestond uit een "escort": een kalf met zijn
ouders. In slapende toestand is zo'n "escort"
weinig spectaculair. Maar uiteindelijk zouden we rond de 25
walvissen te zien krijgen tegen het décor van Fraser
Island.
Een keertje maar - op dat moment stond bijna iedereen aan
de andere kant van de boot waar de actie was - zag ik zo'n
reus zich half uit het water verheffen. Dat was erg spectaculair
om te zien, maar het ging zo vreselijk snel dat ik mijn camera
te laat in stelling kon brengen.
Het schijnt zo te zijn dat je de walvissen wat vaker uit het
water omhoog kan zien komen als er wat meer wind is en de
golfslag wat ruiger.
Terug op het land, zochten we een plaatsje om te lunchen.
Buiten op het terras van het Black Dog Café waren alle
plaatsen onder de parasols bezet. Het was daar bovendien bloedje
heet. We zochten dus een plaatsje binnen in de airconditioned
ruimte. We bestelden een grote schaal met sushi's en bier,
veel heerlijk koel bier om onze dorst te lessen. Na deze voortreffelijke
lunch, Ian had een afspraak bij de kapper, ging Rieky met
haar camera naar een fotowinkel, maar die wisten met het probleem
geen raad. Ze konden de camera wel opsturen voor reparatie,
maar dan was die nooit terug voor wij zouden vertrekken naar
het Red Centre. Voordat we weer naar Toogoom vertrokken kocht
ik alvast, voor het derde onderdeel van onze tocht van Cairns
naar Sydney, de benodigde autokaarten.
Nog meer vrienden in Toogoom
De volgende dag waren we uitgenodigd bij Deb (die onze Fraser
Island tickets had verzorgd) en Austin Day voor een barbeque
party. De Day's hebben een prachtig huis en een heel modern
vormgegeven tuin. We zaten in de tuin en we werden, natuurlijk
ook hier, met champagne en de beste wijnen ontvangen. Het
adagium was ook hier dat glazen vol hoorden te zijn.
Rieky schreef:
We dronken veel te veel.
Austin wilde ons graag zijn kunstverzameling laten zien. Een
opmerkelijke collectie met prachtig werk, maar nog wel in
een opbouwfase. Hij had ook heel bijzonder werk van zijn moeder
dat ons erg aansprak. Toen Austin dan ook hoorde dat ik werk
van enkele bevriende kunstenaars op onze website had staan,
moest hij dat eerst gaan bekijken. Vooral de "serres"
van Margriet spraken hem aan door hun monumentale uitstraling.
Na de goed verzorgde barbecue werd er nog menig glas geledigd
en veel verstandige en minder verstandige woorden gesproken.
Ja, gastvrij en zeer gezellig was het bij Deb en Austin.
Days
Carwash
Op heel veel plaatsen in Queensland zie je langs de weg borden
staan die aangeven dat bij hoog water de weg kan overstromen
(flooding noemen ze dat). Volgens de indicatoren kan het water
soms wel tot 3 à 3,5 meter boven het wegdek komen te
staan. Dat gebeurt gelukkig niet al te vaak.
Onderweg van Toogoom naar de Bruce Highway hangt tegen een
boom langs de weg een bord met daarop: Days Carwash. Wat was
het geval. Bij een van die overstromingen probeerde Austin
Day, op die plaats, met zijn auto toch door het hoge water
te rijden. Het gevolg was dat hij uiteindelijk met veel moeite
via zijn raampje van zijn 4 wheel drive kon ontsnappen aan
verdrinking. Het verhaal gaat dat zijn collega's de volgende
dag al op die plaats het bordje met Days Carwash hebben opgehangen.
Sindsdien hangt het daar nog.
Werk en vertier
Op 25 september zouden we eerst de jaarmarkt in Tin Can Bay
bezoeken. Ian moest daar acte de présence geven
als kandidaat voor Wide bay bij de Federal Elections.
Het was een rit van meer dan 3 uur naar die plaats. De jaarmarkt
in Tin Can Bay vertoonde niet zo veel verschillen met zo'n
happening bij ons. In kraampjes werd van alles verkocht van
prullaria tot etenswaren. Ook de traditionele Fish and
Chips ontbrak niet. Er werd muziek gemaakt, veel te hard
natuurlijk. Een groep oudere dames voerden wat Schotse, Russische
en Spaanse dansjes uit. Politie, brandweer e.d. gaven hun
demonstraties en de Australische Marine probeerde jongelui
te verleiden tot een varend bestaan, met een paar getuigde
zeilsloepen die op het droge lagen. Alleen "het campagne
voeren" gaat hier op een heel andere manier. Alle kandidaten
lopen rustig rond met hun naam batch op. Ze wachten tot ze
worden aangesproken. Een heel passief gebeuren dus.
De mensen die op zo'n markt komen moeten een doorsnee zijn
van de Australiërs. De verschijningsvorm is zeer divers.
Van onvervalst Engels (met popperig aangeklede kindertjes)
tot en met de gebruikelijke types die zich ophouden aan de
rand van de maatschappij, en alles daartussen in.
Voordat we langsgingen bij een echt, oud Engels echtpaar om
campagnematerialen af te geven, aten we fish and chips
zittend in het gras temidden van de drukte. Na afscheid te
hebben genomen van dit prachtige Engelse stel reden we naar
Rainbow Beach. Ook hier wordt het strand gebruikt als highway
voor 4 wheel drives. We reden aan het eind van dit
mooie strand het Graet Sandy National Park in. Dit park ligt,
net als Tin Can bay, ten noorden van Fraser Island. Via eenbaans-sandtracks
(4WD only staat er op de kaart aangegeven) gingen
we over zeer geaccentueerd terrein naar Freshwater, nog even
een klein stukje over het strand en dan uiteindelijk weer
terug de "bush bush" in. Tussen de bomen
door vanaf de track kon je zien hoe hoog we zaten boven
het strand van Rainbow Beach.
Rieky schreef daarover:
Het
park was afwisselend en het landschap had veel gelijkenis
met Fraser Island. We hotsten van links naar rechts. Nogal
wat auto's kwamen ons tegemoet, dus was het spannend wie er
moest uitwijken.
Routeplanning en folderen
26 september begon de dag om 10 uur met een ham and eggs
ontbijt. Daarna zouden we samen met Ian het laatste deel van
onze route uitstippelen van Cairns naar Sydney. Ian had alles
voorbereid. Hij had stapels documentatie over alle dingen
die we beslist onderweg moesten gaan zien. Er waren een paar
nationale parken waarvoor we de overnachting moesten reserveren,
vonden Janey en Ian, omdat je anders wel eens de kans zou
kunnen lopen dat alles vol was. En ook dat werd dus helemaal
voor ons geregeld.
Ian staat
bij vrienden en familie bekend als The Map Man. Hij
heeft een hele verzameling routekaarten.
Janey, Rieky en ik zouden voor The Greens in de namiddag folders
in Toogoom verspreiden. Aangezien Toogoom nog al uitgestrekt
is, was dat een behoorlijke klus. Omdat ik een andere wijk
zou lopen dan Janey en Rieky, kreeg ik van Ian een netjes
getekende map van dat deel van Toogoom dat mij was toegewezen.
De huizen liggen vaak honderden meters uit elkaar. De meeste
brievenbussen zijn het product van pretentievolle, of moet
ik zeggen pretentieloze, huisvlijt.
De Nederlandse posterijen zouden in Australië een groot
probleem hebben. Geen van de brievenbussen is hetzelfde, laat
staan dat ze voldoen aan voorschriften die de Nederlandse
post aan brievenbussen stelt.
Aboriginal Community
Gisterenochtend, voor Ian naar de universiteit ging, had hij
een rechtstreeks radio-interview. Ook Janey moest nog al wat
werk verzetten voor The Greens. Wij hadden beloofd dat we
de mailing, die Ian gepland had voor de Aboriginal families
van Cherbourg, zouden vouwen en in de enveloppen steken.
De 28ste reden we in westelijke richting, over Maryborough,
dan een klein stukje in de richting van Gympy, vandaar via
Woolooga, Kilkivan, Goomeri en Murgon naar Cherbourg. De rit
duurde iets minder dan 3 uur. De countrysite waar we doorheen
reden was adembenemend, afwisselend en weergaloos mooi, meestal
glooiend en vooral zeer uitgestrekt. Liggende en staande,
grillige dode bomen zijn even typerend in dit landschap als
molens in Holland.
Wij vroegen ons hardop af, toen we in de buurt van Cherbourg
kwamen, of we nu bijna in the outback waren, maar daar moesten
Janey en Ian smakelijk om lachen. "Nee, voorlopig nog
niet."
Cherbourg is een plek waar Aboriginals vroeger verplicht moesten
wonen. Min of meer een verbanningsoord. Nu mogen ze gaan en
staan waar ze willen. Maar ze willen hier nu niet meer weg.
Op de plaats waar we stopten, vlak bij een winkelcentrumpje,
is de eerste indruk die we kregen er een van unheimisch en
armoede. Dat blijkt later niet helemaal te kloppen. Het dorp
beschikt over alle faciliteiten die nodig zijn. Een ziekenhuis,
scholen, bejaardenhuisvesting, winkels, een radiostation ...
en een Aboriginal Burgemeester. Daarnaast is er met geld van
de overheid een bloeiende Emu farm opgezet.
Ian moest langs bij het radiostation (wat mislukte omdat er
geen goede afspraken waren gemaakt), bij de burgemeester en
bij de manager van de coöperatieve Emu farm. Met
de manager hadden we een geanimeerd en open gesprek, nadat
Ian hem had verteld wat The Greens konden betekenen voor Aboriginal
people. Deze man was geestig, en duidelijk trots op
zijn Aboriginalcultuur en zijn afkomst, dat kon je zien aan
de manier waarop hij iedere bezoeker tegemoet trad.
De farm heeft een grote showroom waar o.a. emu-oils
worden verkocht naast de gebruikelijke Aboriginal producten.
De buitentemperatuur liep intussen op tot 35 graden. Het uitzicht
vanaf het terras, naast de showroom was adembenemend. Je keek
vanaf grote hoogte omlaag op een gigantisch stuwmeer in een
prachtig landschap.
Aankopen: Een vest, een schilderijtje en potjes Emu oil
and cream (very good for the skin, volgens de manager
van de farm).
In Murgon werden de mailings voor alle families in Cherbourg
op de post gedaan. Hier was geen enkele Aboriginal op straat
te zien, terwijl de twee plaatsen nog geen 10 km uit elkaar
lagen. Moet de conclusie dan zijn dat Cherbourg een zelfgekozen
getto is?
Openbare
toiletten
Wat ons opviel was dat er in elk plaatsje, hoe klein ook (600
inwoners is geen uitzondering) openbare toiletten zijn. Altijd
heel schoon en hygiënisch. Waar je ook kwam er was er
altijd wel een vlak in de buurt. Heel geëmancipeerd:
voor dames en heren. Zoeken hoefde niet want langs de wegen
of straten stond duidelijk aangegeven waar ze te vinden waren.
Onze Nederlandse gemeenten zouden hier een voorbeeld aan kunnen
nemen, want zo los je het probleem van wildplassen pas echt
op.
Lunchen in de bank
We zouden op de terugweg lunchen bij een winery, maar
die was gesloten vanwege een verbouwing. De man gaf ons een
adres in Goomeri, maar ook daar was alles dicht. De afstanden
waren zo groot dat we met een geweldige trek uiteindelijk
een eethuisje vonden in Kilkivan. Het was gelegen aan de linkerkant
in de hoofdstraat en gevestigd in een oud bankgebouw. Vandaar
dus: The Left Bank. De kluis van de bank was in gebruikgenomen
als opslag voor de winkel en het restaurant. De sfeer had
een hoog "country" gehalte. Op het menu stonden
lokale specialiteiten. We hadden geluk want toen we binnen
kwamen waren er net enkele gasten aan het afrekenen, zodat
wij meteen een plaatsje kregen. Het restaurantje had in drie
opeenvolgende jaren The Tourist Award mogen ontvangen
van The Queensland Government. Nadat we uitstekend
gegeten hadden reden we, later dan was gepland, terug naar
Toogoom.
Yothu Yindi
's Avond lieten Janey en Ian ons luisteren naar moderne Aboriginal
muziek. De CD van One Blood van Yothu Yindi viel ons daarbij
op door zijn prachtige teksten. Yothu Yindi zingt in zijn
songs over zijn verbondenheid met zijn tripe, zijn land, zijn
bloedband, zijn geschiedenis en het onrecht dat zijn volk
is aangedaan. Maar ook over de liefde, het alledaagse. Hij
geeft een ongezouten visie op de manier waarop de Australiërs
de Aboriginals van hun land verdreven hebben. Hoe de nieuwkomers
neerkeken - en soms nog kijken -op de cultuur van zijn volk.
Yothu Yindi is een protestzanger die met zijn moderne songs
de Australiërs om de oren slaat omdat zij zijn volk,
zijn grond, zijn bloed en zijn cultuur vertrapt hebben.
In the
song "Treaty 98" van de CD One Blood zingt hij o.a.
deze regels:
Now
it's 1998, all you talking politicians
Words are easy, words are cheap
Much cheaper than our priceless Land
All your promises have been broken
Just like writing in the sand
Treaty Yeh Treaty Yeh Treaty Yeh Treaty Now
This Land is never given up
This Land was never bought and sold
The planting of the union jack
Never changed our law at all
Een klein stukje geschiedenis
Meer dan 50.000 jaar geleden kwamen de Aboriginals met vlotten
en bootjes van Aziatische eilandengroepen aan in wat wij nu
Australië noemen. Hun geloof en hun wetten gaan terug
tot deze lang vervlogen tijden. Dreamtime is voor de Aboriginals
een dimensie van een zijn met de geest van de voorvaderen.
Een plaats waar de geschiedenis van alle generaties Aboriginals
wordt bewaard. Aboriginals kenden geen eigendom van grond.
Het land was gewoon hun land, hun grond. En dat vinden ze
nu nog steeds.
In 1770 plantte
captain Cook de Britse vlag op Possession Island (Noord Queensland)
en eiste het land zonder pardon op voor Great-Brittain.
In 1788 kwam een vloot bestaande uit 11 schepen, nadat men
eerst een poging had gedaan om in Botany Bay aan land te gaan,
aan in een baai die een beschutte, natuurlijke haven vormde
(de plaats waar nu Sydney ligt). Aan boord waren 778 veroordeelden
(mannen, vrouwen, en kinderen vanaf 9 jaar) - of janhagel
zoals Engelse ontdekkingsreiziger Joseph Banks (1743-1820)
hen karakteriseerde - en 250 soldaten en koloniale bestuurders.
De Brits-Australische geschiedenis gaat dus niet verder terug
dan 200 jaar.
Vertrek uit Toogoom
In de periode dat we bij Janey en Ian logeerden hadden we
tussendoor tijd in overvloed om te relaxen, te wandelen en
ook veel te lezen. Boeken, maar ook The Guardian Weekly.
Op dat blad was Ian geabonneerd, want de Australische Nationale
Kranten (meestal uitgegeven door krantenmagnaat Murdock) gaven
geen accurate informatie, vond hij.
30 september was onze laatste volle dag in Toogoom. We moesten
die dag, voor we naar Brisbane konden vertrekken, natuurlijk
nog wat kleine dingen regelen. We zouden bij Janey's schoolvriendin
Jenny, haar man Leigh en hun dochtertje (kleine) Janey in
Brisbane overnachten voor we op het vliegtuig zouden stappen
naar Alice Springs.
Janey had die laatste avond voor ons een heerlijke Indonesische
maaltijd op tafel gezet. De volgende morgen moesten we vroeg
op. We reden, zoals we gekomen waren, naar Gympie over the
Bruce Highway. Ian had daar een interview met The Gympie Times.
Dat gaf ons tijd om koffie te drinken.
Ian had een alternatieve route voor ons uitgestippeld door
de mountains en the countryside. Via Imbil reden we naar Lake
Borumba. We gingen via tracks hoog door beboste bergen
naar Mapleton National Park. Vandaar verder naar Montville.
Dit is een mondain stadje waar veel dagjesmensen en toeristen
naar toe komen vanwege de mooie ligging. We lunchten voortreffelijk
bij Misty's Mountain Restaurant dat Janey en Ian kenden van
eerdere gelegenheden. Daarna maakten we een wandeling langs
de vele winkeltjes en galeries. Omdat Montville zo hoog ligt,
en het zeer helder was, konden we vanaf hier een lange kuststrook
zien liggen in het zonlicht.
Een kort verblijf in Brisbane
Vanaf hier maakten we een lange afdaling terug naar de Bruce
Highway. We hadden wat oponthoud door werkzaamheden aan de
weg. Maar pas toen we, in de tweede helft van vrijdagmiddag,
Brisbane naderden werd het ook wat drukker op de wegen. Je
kon nu duidelijk merken dat we een grote stad naderden.
Ian moest, voor we naar Jenny, Leigh en kleine Janey gingen,
eerst nog campagnemateriaal ophalen op het hoofdkwartier van
The Greens in het centrum.
Zodra we van de highway af draaiden, liepen we vast
in het verkeer. De eerste file - en meteen ook de laatste
- in Australië. Verderop bleek er een ongelukje te zijn
gebeurd.
Tegen zessen kwamen we aan bij Jenny, Leigh en kleine Janey.
Wij werden net zo enthousiast ontvangen als Janey en Ian.
Ook al waren Jenney en Leigh zojuist van hun werk thuis gekomen,
de aangeklede borrel stond in een mum van tijd klaar op het
terras. En onze bedden waren opgemaakt. De maaltijd was uitstekend
en werd rijkelijk besproeid met verschillende wijnen. De conversatie
was als onder oude vrienden. Wat een gastvrijheid.
Met
dank aan Johan Hermsen en Coen Barthels voor het kritisch
lezen van de teksten, het aandragen van tekstsuggesties en
het aanbrengen van tekstcorrecties
Ad
van Tiel, Landsmeer,
januari 2005
Afgebeeld
is het interview in The Chronicle
d.d. 6 oktober met Ian Richards. Hij kreeg in dit interview
de kans
de leugens en pertinente onwaarheden die door
een rechtse kandidaat over The Greens werden gedebiteerd,
en die hij zich zeer aantrok, recht te zetten.
Niets uit bovenstaande tekst mag worden gepubliceerd zonder
voorafgaande toestemming van de auteurs.
Het zelfde geldt voor alle afbeeldingen en foto's.
Rieky
& Ad van Tiel © 2004/2005
|